Type: Nieuws

Livegang bij DermaZuid: BgZ en Documenten succesvol opgehaald in PGO’s

De gecontroleerde livegang (GLG) bij DermaZuid – een zelfstandige kliniek in Maastricht waar huidaandoeningen behandeld worden – is succesvol afgerond. DermaZuid is een van de eerste zorginstellingen in Nederland die de Basisgegevensset Zorg (BgZ) en Documenten uitwisselt conform MedMij.

De BgZ is een set met relevante gegevens zoals medicatiegegevens, labuitslagen, allergieën en vaccinaties. Daarnaast konden patiënten ook de brieven van de zorginstelling digitaal nog eens teruglezen via de gegevensdienst Documenten. Gebruikers konden al deze gegevens bekijken in een persoonlijke gezondheidsomgeving (PGO). Bij de livegang waren drie PGO’s betrokken: Drimpy, Digeketen en Zodos, waarbij Drimpy tevens de rol van DVZA (dienstverlener zorgaanbieder) vervulde.

Gebruikerservaringen op een rij

In een GLG worden echte gezondheidsgegevens tussen zorgverleners en de PGO van een geselecteerde groep patiënten uitgewisseld op de MedMij-manier. MedMij werkt hierbij samen met PROVES, een programma dat de werking van MedMij in de praktijk toetst. Inmiddels is de gecontroleerde livegang afgelopen en zijn de belangrijkste gebruikerservaringen op een rij gezet:

  • Enthousiasme over PGO’s bij zorgverleners is voor patiënten een belangrijke reden om een PGO te gebruiken. De meeste aanmeldingen volgden uit een persoonlijke uitnodiging van een betrokken, enthousiaste zorgverlener. Dit kan de specialist zijn, maar denk ook aan de baliemedewerker of POH’er.
  • Er is behoefte aan heldere en voldoende informatie over wat een PGO is, wat je ermee kunt en wat MedMij inhoudt. Dit schept vertrouwen bij de patiënt.
  • Digitale vaardigheid van patiënt een belangrijk aandachtspunt. 81 patiënten gaven aan interesse te hebben om deel te nemen. Toch heeft uiteindelijk minder dan de helft daadwerkelijk een PGO-account aangemaakt. Redenen om geen PGO-account aan te maken waren onder andere: een ingewikkelde procedure van registreren en inloggen bij de PGO én het gebruik van DigiD bij het ophalen van gegevens.
  • Meer gegevens leidt tot meer gebruik van PGO’s. Patiënten die meededen aan de GLG gaven aan dat zij vaker een PGO zouden gebruiken, wanneer er meer gegevens beschikbaar komen.

Alle ervaringen en bevindingen teruglezen van de gecontroleerde livegang bij DermaZuid?

Download dan hieronder de eindrapportage:

Eindrapportage PROVES-MedMij-GLG DermaZuid

 

 

 

MedMij bij de huisarts

MedMij is tegenwoordig in de wachtkamers van huisartsen te vinden. Drie maanden lang wordt in een groot aantal huisartsenpraktijken een korte video over het MedMij-label getoond. Daarnaast kunnen via het portaal van de PGO-alliantie/Patiëntenfederatie Nederland (bestellen.pgo.nl) een sticker en een leaflet met uitleg over MedMij worden besteld.

In het najaar herhalen we de communicatie en ondersteunen we deze online waarbij valt te denken aan middelen als video-advertenties op Facebook, Instagram en YouTube, en banners op sites als gezondheidsplein.nl. Het doel is om het MedMij-label te laden onder zorggebruikers (en zorgverleners), zodat zij het MedMij-label herkennen en weten dat het staat voor een veilige online uitwisseling van medische gegevens in PGO’s.

Er is een speciale landingspagina in de lucht: neem een kijkje op medmij.nl/veilig.

MedMij publiceert versie 1.6.0 van afsprakenstelsel

MedMij publiceerde zaterdag 14 mei een nieuwe versie van het afsprakenstelsel: release 1.6.0. Release 1.5.1 wordt daarmee de verplichte versie voor gegevensuitwisseling conform MedMij. Wij zetten de grootste veranderingen op een rij.

MedMij-deelnemers waren betrokken bij de totstandkoming van de nieuwe release en de uitwerking daarvan. Net als de voorgaande release kwam 1.6.0 mede tot stand op basis van requests for change (RFC’s). Deze RFC’s werken we in een openbare omgeving uit (Confluence) zodat MedMij-deelnemers kunnen bijdragen aan (mogelijk) toekomstige ontwikkelingen.

Hiervoor organiseerde MedMij onder meer verschillende expertsessies waarin betrokkenen actief mee konden denken over de nieuwe release van het afsprakenstelsel. Ook dit keer zagen we tijdens de sessies veel betrokkenheid van MedMij-deelnemers waarmee we fundament verder kunnen verstevigen.

Release 1.5.1 nu de verplichte versie

Sinds 2020 werkt MedMij met een zogenaamd ‘dakpanmodel’. Release 1.4.0 (de tot 14 mei 2022 verplichte release) heeft sinds 14 mei de status ‘verouderd’. Dit wil zeggen dat deze release niet meer actief is. Release 1.5.1 wordt nu de verplichte versie. De nieuw gepubliceerde versie, release 1.6.0, is ook geldig, met een optionele status. Hiermee geeft MedMij alle deelnemers de tijd om de veranderingen, die een nieuwe release met zich meebrengt, te implementeren. Een ander doel is zorgen dat PGO-gebruikers sneller nieuwe functionaliteiten kunnen gebruiken.

MedMij blijft samen met haar deelnemers het afsprakenstelsel doorontwikkelen. Toekomstige aanpassingen zullen volgen uit onder meer wet- en regelgeving, techniek en standaarden en uiteraard uit wensen en eisen van de deelnemers.

Wijzigingen in release 1.5.1

In de nu verplichte release 1.5.1 voerden we onder meer deze wijzigingen door:

Gebruiksvriendelijkheid

Het aantal keer dat de PGO-gebruiker moet inloggen, en toestemming moet geven, wordt verkleind. Iemand kan in één keer toestemming geven voor het verzamelen van gegevens bij alle gegevensdiensten die een aanbieder aanbiedt op het netwerk. Dit is enkel mogelijk voor de gegevensdiensten die een aanbieder via dezelfde leverancier (Dienstverlener aanbieder) worden aangeboden. Voor PGO’s is dit optioneel om in te bouwen, voor DVZA’s verplicht.

Veiligheid

MedMij vereist bij het inloggen op een PGO dat er naast wachtwoord een tweede verificatie plaatsvindt om de identiteit van de gebruikers vast te stellen. Dit wordt tweefactorauthenticatie genoemd. Als tweede factor wordt SMS gezien als onvoldoende veilig. Daarom worden PGO’s verplicht om ook een veiligere tweede factor te bieden.

Het verplicht gebruik van tweefactorauthenticatie geldt voortaan op de volledige PGO dat het MedMij-label draagt, niet alleen op het deel waar de MedMij-uitwisseling plaatsvindt.

Machtigen

Optioneel kan vrijwillige vertegenwoordiging worden aangeboden. Hierdoor kan een PGO-gebruiker zich binnen de eigen PGO laten vertegenwoordigen door iemand anders. De vertegenwoordiger maakt gebruikt van het dossier dat al voor de vertegenwoordigde bij de PGO-leverancier bekend is.

Wijzigingen 1.6.0

In de 1.6.0-release van het afsprakenstelsel zijn onder meer een aantal nieuwe functionaliteiten uitgewerkt die een bijdrage leveren aan het verbeteren van het gebruiksgemak van PGO’s. Deze bestaan uit het mogelijk maken om opgehaalde gegevens uit het PGO te verwijderen, het aanpassen van alle schermteksten naar B1-niveau om de leesbaarheid voor een brede groep gebruikers te verbeteren. Tevens is een voorbereiding getroffen om in een later stadium over verschillende DVZA’s heen kunnen autoriseren waarmee de flexibiliteit van het stelsel toeneemt.

Voor een totaaloverzicht van de wijzigingen: zie de changelog. Alles over het afsprakenstelsel lees je hier.

 

Diabetespatiënten wisselen via MedMij zelfmetingen uit met huisarts en ziekenhuis

Ook in Groningen toetsen we de eerste MedMij-basiseisen en standaarden in de praktijk. Daar koppelen diabetespatiënten hun eigen draadloze weegschalen, bloeddrukmeters en glucosemeters aan de persoonlijke gezondheidsomgeving van Zodos. Hun zelfmeetgegevens worden in de proef uitgewisseld met de huisarts. Door uit te wisselen via MedMij is het straks in Groningen ook mogelijk met het ziekenhuis te communiceren.

Wilfred de Jonge, directeur Zodos: ‘We starten klein, maar leggen via MedMij steeds meer lijntjes met meer zorgaanbieders. Het gaat ons er om dat mensen alle informatie die zij nodig hebben in hun persoonlijke gezondheidsomgeving kunnen verzamelen. En vervolgens moeten zij zelf kunnen bepalen met wie zij deze gegevens delen.’ In de proef werkt MedMij samen met Zorgbelang Groningen, Zodos en huisartsengroepspraktijk Hommesplein te Winschoten.

Veel voordelen

Edwin Klok, directeur-bestuurder Zorgbelang: ‘Door gebruik te maken van een persoonlijke gezondheidsomgeving kan de zorg voor alle betrokkenen (patiënt, zorgverlener en verzekeraar, red) beter worden georganiseerd. En bovenal heeft de patiënt zelf ‘the lead’ over zijn ziekte.’ Deelnemende patiënten zijn erg enthousiast. De heer Slik: ‘Vooral de mogelijkheid om snel digitaal te kunnen communiceren is prettig: de praktijkondersteuner van mijn huisarts reageert snel. Sinds het gebruik zijn mijn nuchtere bloedsuikerwaarden gedaald. Dit is op een overzichtelijk manier zichtbaar via de grafieken van Zodos. De trend van de waarden is heel mooi te zien. Omdat ik één keer per maand mijn waarden doorstuur naar de praktijkondersteuner is de insulinetherapie veel sneller aangepast dan dat anders het geval zou zijn.’ Sander Jonges, huisarts in Winschoten: ‘Een persoonlijke gezondheidsomgeving is een mooi instrument om patiënten meer verantwoordelijkheid voor het managen van hun aandoening te geven en tegelijkertijd zowel voor de patiënt als zorgverlener de tijdsinvestering in het ziektemanagement te verminderen.’

Minister Bruno Bruins: ‘De regie ligt bij de patiënt’

In een interview met de Volkskrant vertelt Bruno Bruins, minister van Medische Zorg en Sport, over het belang van MedMij.

‘Er worden overal patiëntengegevens verzameld’, aldus Bruins in de Volkskrant. ‘Bij de apotheek, de huisarts, de fysio, het ziekenhuis. Er zijn al apps op de markt waarmee je die gegevens kunt bundelen. De Patientenfederatie is samen met zorgaanbieders en verzekeraars bezig daar een samenhangend stelsel van standaarden en afspraken over te maken, zodat apps van ziekenhuizen en huisartsen met elkaar kunnen praten. Het ministerie steunt dat met subsidie. Er wordt nu een praktijkproef gedaan, die in de zomer afgerond moet zijn.’

Na afloop van deze praktijkproef (PROVES) zal er een definitieve versie van het MedMij Afsprakenstelsel worden opgeleverd. Vanaf dat moment kunnen PGO-leveranciers hun PGO laten toetsen om het MedMij-vinkje te krijgen.

Op de vraag of MedMij bezig is met het nieuwe EPD, is de minister duidelijk. ‘Nee, dat is het niet. De regie ligt bij de patiënt. We maken afspraken over een standaard waarmee al die patiëntgegevens gebundeld kunnen worden als de patiënt en de zorgverlener het allebei willen. Versleuteld, zodat de privacy beschermd is. Maar wel zo, dat alle goede gegevens paraat zijn als je ze nodig hebt. Het moet zo worden geregeld dat iedereen ermee overweg kan, ook laaggeletterden.’

Overigens staat in het interview ook dat Patiëntenfederatie Nederland een persoonlijke gezondheidsomgeving (PGO) aan het ontwikkelen is. Dat klopt niet. Patiëntenfederatie Nederland is mede-initiatiefnemer van MedMij, dat zorgt dat er afspraken, standaarden en spelregels komen waarmee ontwikkelaars van PGO’s aan de slag kunnen. MedMij en de Patiëntenfederatie ontwikkelen dus zelf geen PGO, maar laten dit over aan de markt. Er zullen dus straks meerdere persoonlijke gezondheidsomgevingen zijn zodat de patiënt kan kiezen welke het beste bij zijn/haar situatie past.